Ministerieel besluit van 11 oktober 1976 houdende de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens.
(B.S. 14.10.1976)
INHOUD
Art. 1:
Algemene bepalingen
Hoofdstuk 1:
Verkeerslichten
Art. 2: Plaatsingsvoorwaarden
Art. 3: Driekleurige verkeerslichten
Art. 3bis: Ontruimingspijl boven een rijstrook
Art. 3ter: Bijzondere verkeerslichten voor het regelen van het verkeer van voertuigen van geregelde diensten voor gemeenschappelijk vervoer.
Art. 4: Tweekleurige verkeerslichten.
Art. 5: Verkeersknipperlichten.
Hoofdstuk 2:
Verkeerstekens
Art. 6: Inleidende bepalingen en afmetingen
Art. 7: Gevaarsborden
Art. 8: Verkeersborden betreffende de voorrang.
Art. 9: Verbodsborden.
Art. 10: Gebodsborden.
Art. 11: Verkeersborden betreffende het stilstaan en parkeren.
Art. 12: Aanwijzingsborden.
Art. 13: Onderborden.
Hoofdstuk III:
Wegmarkeringen
Art. 14: Overlangse markeringen die de rijstroken aanduiden.
Art. 15: Overlangse voorlopige markeringen die de rijstroken aanduiden.
Art. 16: Overlangse markeringen die een fietspad aanduiden.
Art. 17: Overlangse markeringen die de rand van de rijbaan aanduiden.
Art. 18: Dwarsmarkeringen.
Art. 19: Andere markeringen.
Art. 20: Overgangsbepalingen.
Art. 21: Inwerkingtreding.
Bijlagen:
Bijlage 1: Verkeerslichten
Bijlage 2: Onderborden.
Bijlage 3: Witte borden.
Bijlage 4: Wegmarkeringen.
Bijlage 5: Onderborden betreffende de fietsen en tweewielige bromfietsen.
Bijlage 6: Specifieke symbolen voor de sporttakken.
Bijlage 7: Verkeerssignalisatie met zonale draagwijdte.
Bijlage 8: Voorbeelden van afbakening van de toegang tot de doorgang.
Bijlage 9: Onderborden bij de verkeersborden C24a en D4