25 MAART 1986. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de voorwaarden voor de afgifte van machtigingen tot het exploiteren van ongeregeld bezoldigd vervoer van personen.
[BS 27.03.1986]
Artikel 1
In de zin van dit besluit wordt verstaan onder :
"machtiging" : machtiging tot het exploiteren van ongeregeld vervoer;
"Minister" : Minister die het ongeregeld vervoer in zijn bevoegdheid heeft;
"Verslag" : document bevestigend dat het voertuig aan de kwaliteitsvoorwaarden voldoet;
"Voertuig" : autocar bestemd voor de exploitatie van ongeregeld vervoer, zelfs indien hij voor andere doeleinden wordt gebruikt.
Artikel 2
De vervoerondernemer die ongeregeld vervoer organiseert, moet een bedrijfszetel in België hebben.
De machtiging kan worden geweigerd aan de aanvrager die onderdaan is van een Staat die geen lid is van de Europese Economische Gemeenschap en geen wederkerigheid toestaat.
Artikel 3
Opgeheven (Art. 35, K.B. 10-12-2003, B.S. 22-12-2003)
Inwerkingtreding : 01-01-2005
Artikel 4
Opgeheven (Art. 35, K.B. 10-12-2003, B.S. 22-12-2003)
Inwerkingtreding : 01-01-2005
Artikel 5
Opgeheven (Art. 35, K.B. 10-12-2003, B.S. 22-12-2003)
Inwerkingtreding : 01-01-2005
Artikel 6
Opgeheven (Art. 35, K.B. 10-12-2003, B.S. 22-12-2003)
Inwerkingtreding : 01-01-2005
Artikel 7
Opgeheven (Art. 35, K.B. 10-12-2003, B.S. 22-12-2003)
Inwerkingtreding : 01-01-2005
Artikel 8
§1. Onverminderd de voorwaarden die gesteld zijn bij het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de motorvoertuigen en hun aanhangwagens moeten voldoen, moeten de (...) voertuigen inzake kwaliteit voldoen aan de voorwaarden die door de Minister worden vastgesteld.
§2. De erkende organismen voor automobielinspectie worden belast, om jaarlijks na te gaan of aan de voorwaarden bedoeld in § 1 is voldaan en geven na dit nazicht een verslag af, waarvan het model door de Minister wordt vastgesteld.
§3. Het nazicht en het opmaken van het verslag geven aanleiding tot de betaling van vergoedingen waarvan het bedrag door de Minister wordt vastgesteld.
§4. De Minister erkent de instellingen die onder de voorwaarden welke hij vaststelt, belast zijn om na voorlegging van een exemplaar van het verslag, de op het voertuig aan te brengen kwaliteitskeurmerken af te geven. De Minister bepaalt het model van de kwaliteitskeurmerken.
Het is verboden op de voertuigen tekens aan te brengen die kunnen leiden tot verwarring met de kwaliteitskeurmerken.
§5. Wanneer het voertuig van eigenaar verandert moet de nieuwe eigenaar het voor een nieuwe kwaliteitscontrole aanbieden wanneer deze het voor ongeregeld vervoer aanwendt zelfs wanneer de geldigheidsduur van het verslag en van de kwaliteitskeurmerken niet zijn verstreken.
§6. In geval een voertuig niet langer voor ongeregeld vervoer wordt bestemd of indien het definitief buiten gebruik wordt gesteld, moet de vroegere gebruiker de kwaliteitskeurmerken aan de in § 4 vermelde instellingen terugzenden.
Artikel 9
Opgeheven (Art. 35, K.B. 10-12-2003, B.S. 22-12-2003)
Inwerkingtreding : 01-01-2005
Artikel 10
Opgeheven (Art. 35, K.B. 10-12-2003, B.S. 22-12-2003)
Inwerkingtreding : 01-01-2005
Artikel 11
Het koninklijk besluit van 31 juli 1980 tot vaststelling van de voorwaarden voor de afgifte van machtigingen voor de autocardiensten, wordt opgeheven.
Artikel 12
Artikel 25 van het reglement gevoegd bij het besluit van de Regent van 20 september 1947 houdende algemene voorwaarden betreffende de openbare autobusdiensten, de tijdelijke autobusdiensten, de bijzondere autobusdiensten en de autocardiensten wordt opgeheven.
Artikel 13
(Opgeheven)
Artikel 14
Dit besluit treedt in werking op de eerste dag van de derde maand volgend op die gedurende welke het in het Belgisch Staatsblad is bekendgemaakt.
Artikel 15
Onze Minister van Verkeerswezen is belast met de uitvoering van dit besluit.





