19 JULI 2000. - Koninklijk besluit betreffende de inning en de consignatie van een som bij het vaststellen van sommige inbreuken inzake het vervoer over de weg.
[B.S. 26.07.2000]

Artikel 3

Opgeheven (art. 3, KB 27-04-2007, BS 07-05-2007)

Artikel 4

Het totaal van de te innen sommen, zoals vastgesteld in artikel 2, mag ten laste van een zelfde overtreder 5.000 EUR niet overschrijden. Dit totaal bedraagt 10.000 EUR voor de inbreuken vermeld in de punten a9, a10, a12, a13, a14, a15, d10, d11, e9, e10, f4, f5, g15, g16, g17, i4, i5 van bijlage 1.

Artikel 5

§1. In geval van inning wordt gebruik gemaakt van genummerde formulieren, die samengevoegd zijn in genummerde boekjes en die overeenstemmen met het model opgenomen in bijlage 2 bij dit besluit. Indien tegelijkertijd meerdere inbreuken ten laste van een zelfde overtreder worden vastgesteld, moeten deze op een zelfde formulier worden vermeld.

Voor het toepassen van de procedure van inning mag het formulier worden vervangen door een proces-verbaal indien de som niet werd geïnd op het ogenblik van de vaststelling van de overtreding.

§2. De betaling kan op de volgende manier geschieden :

1. Betaling in geld

1.1. De betaling in geld is slechts van toepassing op personen die geen woonplaats of vaste verblijfplaats in België hebben. Voor die betaling vult de bevoegde agent de stroken A, B en C van het formulier in, waarvan :

  • strook A dezelfde dag wordt verzonden aan het openbaar ministerie bij de bevoegde politierechtbank;
  • strook B aan het boekje gehecht blijft;
  • strook C aan de overtreder wordt overhandigd.

1.2. De som wordt betaald in euro met bankbiljetten en, in voorkomend geval, met munten van 1 of 2 euro.

2. Betaling met bank- of kredietkaart

2.1. De betaling met een bank- of kredietkaart is van toepassing op personen die al dan niet een woonplaats of vaste verblijfplaats in België hebben.

Voor die betaling vult de bevoegde agent de stroken A, B en C van het formulier in, waarvan :

  • strook A dezelfde dag wordt verzonden aan het openbaar ministerie bij de bevoegde politierechtbank;
  • strook B strook B aan het boekje gehecht blijft;
  • strook C aan de overtreder wordt overhandigd met een bewijs van de uitvoering van de betaling.

2.2. De te innen som wordt steeds uitgedrukt in euro.

3. Betaling met overschrijving of betaling op internet

3.1. De betaling met overschrijving of de betaling op internet is slechts van toepassing op personen die een woonplaats of vaste verblijfplaats in België hebben en die rijden voor rekening van een onderneming die gevestigd is in België.

Voor die betaling vult de bevoegde agent de stroken A, B en C van het formulier in, waarvan :

  • strook A dezelfde dag wordt verzonden aan het openbaar ministerie bij de bevoegde politierechtbank;
  • strook B aan het boekje gehecht blijft;
  • strook C aan de overtreder wordt overhandigd.

3.2. Een document met de betalingsmodaliteiten wordt aan de overtreder overhandigd of gestuurd.

3.3. De betaling met overschrijving of de betaling op internet wordt uitgevoerd binnen een termijn van tien dagen te rekenen vanaf de in 3.2 bedoelde afgifte of de verzending van het document.

3.4. De gestructureerde mededeling wordt vermeld in de mededeling van de overschrijving.

De datum van betaling door de bankinstelling dient als bewijs van de datum van betaling.

3.5. In geval van betaling op internet wordt de betaling uitgevoerd op één van de volgende adressen :

De datum van betaling door de bank- of kredietinstelling dient als bewijs van de datum van betaling.

3.6. De te innen som wordt steeds uitgedrukt in euro.

§3. De overtreder mag slechts van één betalingswijze toepassing maken.

Artikel 6

§1. Indien de overtreder geen woonplaats of vaste verblijfplaats in België heeft en de voorgestelde som niet onmiddellijk betaalt, is de per inbreuk in consignatie te geven som dezelfde als de te innen som.

Het totaal van de ter plaatse te consigneren sommen mag ten laste van een zelfde overtreder 5.000 EUR niet overschrijden. Dit totaal bedraagt 10.000 EUR voor de inbreuken vermeld in de punten a9, a10, a12, a13, a14, a15, d10, d11, e9, e10, f4, f5, g15, g16, g17, i4, i5 van bijlage 1.

§2. In geval van consignatie van een som wordt gebruik gemaakt van genummerde formulieren die samengevoegd zijn in genummerde boekjes en die overeenstemmen met het model van bijlage 2 bij dit besluit. Indien tegelijkertijd meerdere overtredingen ten laste van een zelfde overtreder worden vastgesteld, moeten deze op een zelfde formulier worden vermeld.

§3. De procedure voorzien in artikel 5, § 2, 1 en 2, is van toepassing in geval van consignatie van een som.

Artikel 7

Wanneer een formulier voor inning of consignatie van een som ongeldig moet worden gemaakt, constateert de ambtenaar, die er houder van is, het ongeldig maken door middel van een gedagtekende en ondertekende vermelding op alle stroken van het formulier.

Artikel 8

De overeenkomstig de artikelen 2, 3 en 6 in geld geïnde of geconsigneerde sommen worden minstens eenmaal om de twee weken gestort op de postrekening van een rekenplichtige van de administratie die bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde.

Artikel 9

Alle bescheiden betreffende de inning of de consignatie van een som worden gedurende vijf jaar bewaard in de kantoren waartoe het in artikel 1 bedoelde personeel behoort.